Ernest H. Cassutto: The Last Jew of Rotterdam

Nederlands paspoort van E. Cassutto, ca. 1948Dr. Isaac Cassutto (spreek uit Cassoeto) vestigde zich in 1915, gedurende de Eerste Wereldoorlog, in Probolingo, IndonesiŽ. Zijn tweede zoon, Ernest, werd net na het Verdrag van Versailles op 1 december 1919 geboren. Het gezin verhuisde naar Bandung op het eiland Java, nadat Isaac daar een dienstbetrekking als leraar in het Nederlands koloniale recht had gekregen. Ernest was zich tijdens zijn opvoeding bewust van zijn joodse afkomst, maar zijn familie was niet actief binnen religieuze aangelegenheden.


Het gezin van Ernest verhuisde in 1934 weer naar Nederland. Voor de jonge Ernest was de overgang uit de tropische, polynesische cultuur een grote verandering. In het buurland Duitsland was Adolf Hitler het jaar daarvoor kanselier geworden en was begonnen zijn macht uit te breiden op basis van terreur en intimidatie. In 1939 leerde Ernest een jonge vrouw kennen, met wie hij al snel verkering kreeg. Haar naam was Hetty Winkel. Ze verloofden zich. In datzelfde jaar tekende Duitsland een niet-aanvalsverdrag met de Sovjet Unie en viel Polen binnen. De Tweede Wereldoorlog was begonnen
De verlovingsfoto van Ernest en Hetty

Ernest in militair uniform, 1939 Ernest werd opgeroepen voor militaire dienst, maar werd spoedig teruggestuurd om terug te keren naar school. De wereld wachtte af wat Hitler zou gaan doen in de periode eind 1939 - begin 1940. Hitler bereidde zich voor op een grootse aanval in westelijke richting.

Duitsland viel Nederland binnen op 10 mei 1940. Ons kleine land gaf zich binnen vijf dagen over. Na een jaar bezetting door de nazi's werd de joodse bevolking in Nederland zwaar vervolgd. In mei 1942 moesten alle joden zich laten registreren bij de Gestapo, de Duitse geheime politie. Alle joden moesten in het openbaar een gele davidsster dragen om aan te geven dat zij joods waren. Dit gold volgens het rassenbeleid van de nazi's voor allen van wie drie van de vier grootouders een joods was.

Het willekeurig oppakken van joodse inwoners van Nederland begon in 1941 en ontwikkelde zich tot massale arrestaties en deportaties aan het einde van 1942. Ernest en Hetty besloten samen onder te duiken in de zomer van 1942. In de loop van 1943 werden ze van elkaar gescheiden. Ernest vernam later dat Hetty gearresteerd was door de Gestapo. Hij zou haar nooit meer zien. Zij stierf in Auschwitz in januari 1944.

Max L.H. Cassutto en zijn vrouw Puck

Ernest vluchtte van het ene onderduikadres naar het andere om arrestatie door de nazi's te voorkomen. Deze kat-en-muis tactiek zette hij voort tot maart 1944, toen zijn schuilplaats werd ontdekt door de nazi's. De andere leden van het gezin waren allen van elkaar gescheiden en overleefden de oorlog zonder ontdekt te worden door de nazi-bezetters. (Alleen Ernests oudste broer Max, die in IndonesiŽ was blijven wonen, werd gevangen genomen door de Japanners. Max heeft zijn vrouw en pasgeboren zoon gedurende vijf jaar niet gezien).

Ernests broer Max en zijn bruid
 voor de Tweede Wereldoorlog

De ondervraging door de Gestapo was pijnlijk en vernederend. Ernest werd meegenomen naar het hoofdkwartier in Rotterdam waar hij ondervraagd werd over de verblijfplaatsen van zijn familie en andere joden. Ook vroeg men hem naar de activiteiten van de ondergrondse. Uiteindelijk werd Ernest alleen opgesloten in een kleine cel die afgesloten werd door een dikke stalen deur. Aan de buitenkant van de deur was een gele davidsster aangebracht om aan te geven dat Ernest een jood was. Naast joden waren er ook andere veroordeelden aanwezig. Mensen van wie de nazi's vonden dat zij zich misdadig gedroegen: homoseksuelen, pacifisten en communisten. Zij waren daar gevangengezet om te sterven voor het vuurpeloton of om afgevoerd te worden naar een werk- of vernietigingskamp in Duitsland of Polen. Ernest kreeg hongermaaltijden van tulpenpulp en suikerbieten. Hij was alleen in zijn cel en bezat alleen zijn geloof en een bijbel, waarin hij van de nazi's mocht lezen.

Hij verwachtte dat hij meegenomen zou worden met een transport van joden uit Nederland naar het oosten. De oorlog verliep niet meer zo goed voor de Duitsers. Het werd steeds duidelijker dat er een invasie te verwachten was. De nazi's probeerden het werk van hun leider (de "EndlŲsung"), die steeds wispelturiger en irrationeler werd, te voltooien. Binnen deze sfeer werden de laatste deportaties en executies uitgevoerd. Op de een of andere manier verdween de gele ster van Ernests deur en werd hij achtergelaten in de gevangenis bij het laatste transport van joden. De Duitsers zouden hem later "Der Letzte Jude von Rotterdam" (De laatste Jood uit Rotterdam) noemen.

 

Ernest werd tewerkgesteld bij gevangenenarbeid in een boerderij net buiten Rotterdam. De geallieerden rukten inmiddels op door West-Europa in de richting van wat eens het hart van nazi-Duitsland was geweest. Ernest raakte bevriend met een lid van de Nederlandse politie, die in contact stond met de ondergrondse. Twee dagen voor de bevrijding zouden de gevangenen de boerderij verlaten voor een laatste douche. In plaats daarvan verlieten zij de boerderij om te kunnen onderduiken. Twee dagen later, op 5 mei 1945, werd Nederland bevrijd door Canadese en Britse troepen. Ernest werd verenigd met de andere gezinsleden, maar tienduizenden Nederlandse Joden zouden niet terugkeren uit de kampen. Duitsland gaf zich over op 7 mei 1945.

George H. Cassuto

Ernests jongste broer 
George net na de Tweede Wereldoorlog.
George zou later zijn achternaam veranderen door een "t" uit de naam weg te laten.

Hier eindigt het levensverhaal van Ernest Cassutto niet. Hoe Ernest na de oorlog Elisabeth leerde kennen is te lezen in de epiloog. Lees eerst wat Ernests toekomstige vrouw, Elisabeth Rodrigues, meemaakte tijdens de oorlog.


Naar Het verhaal van Ernest Cassutto

Naar Het verhaal van Elisabeth Rodrigues